Het verleden

voor huren informeer via | contact@boerderijdepekhoeve.nl | 06 3619 8389

Midden in het prachtige dorp Ulvenhout ligt het Pekhoeve complex, het is een oude pachthoeve die nog immer bestaat uit: het woonhuis met stal/hooizolder (onder één rieten kap), de in 1981 opnieuw opgebouwde schuur (thans cultureel centrum van Ulvenhout www.pekhoeve.nl), een karkooi en een bakhuis (gerestaureerd in 1997). Het geheel is een rijksmonument.

 

Op het grote terrein liggen verder: een prachtige kruidentuin, jeu de boules banen, een speeltuintje, het dierenverblijf ‘t Waaike’ en een skatebaan. Het dierenverblijf is in 2012 verplaatst en geheel opnieuw opgetrokken.

 

Bij de gemeentelijke herindeling in 1997 is het hele complex, het terrein inclusief alle gebouwen, in eigendom overgegaan naar de gemeente Breda. In de periode daarna zijn er maar weinig initiatieven ontwikkeld om met het boerde-rijgedeelte iets toe te voegen ten dienste van het unieke complex en de Ulvenhoutse gemeenschap. De huidige bestemming is ‘maatschappelijke doeleinden’. Sinds 2013 zijn door Stichting Boerderij de Pekhoeve initiatieven uitgewerkt en gerealiseerd om aan de boerderij (het woonhuis en de stal) een passende maatschappelijke invulling te geven. Het complex is in 2014 grondig aangepast aan de eisen van deze tijd. Bij de realisatie zijn meerdere financiële partners gevonden om tot een sluitende exploitatie te komen. De provincie, de gemeente maar vooral ook ‘Ulvenhout’ zelf hebben hierbij een grote rol gespeeld.

 

De Dorpsraad heeft een startsubsidie via het ‘leader-programma (plattelandsontwikkeling) weten aan te boren waaruit de eerste kosten voor het ontwikkelen van onze plannen betaald konden worden.

 

Vondsten tijdens de restauratie

Tijdens de restauratie van Boerderij De Pekhoeve hebben we een aantal kleine en grote ‘ontdekkingen’ gedaan.

 

De Graanzolder

Een van de drie Dorpskamers hebben we de Graanzolder gedoopt. De zolder boven de stal was er natuurlijk de Hooizolder. Onze tweede zolderruimte moest een toepasselijke naam krijgen en we dachten aan Bonenzolder of Graanzolder. Tijdens het weghalen van het hardboard op de vloer van deze kamer op 19 april 2014 lag er een los plankje met daaronder een behoorlijke hoeveelheid haver dat door muizen aangevreten was. Bij het weghalen van het zachtboard plafond in de ruimte hieronder kwam er een grote lading graan naar beneden. Dus met recht dat de Graanzolder haar naam draagt.

 

Opvallend was dat er een kleine plint langs de wand liep die totaal rot was door houtworm vraat. Maar die plint zat wel met handgevormde spijkers in de muur bevestigd.

 

Omdat de schouw scheef wegloopt heeft men er in het verleden een recht muurtje naast gezet en daardoor was er een ruimte van wel 80 cm diep ontstaan. De eerste 50cm waren gevuld met graankorrels en muizenkeutels, opvallend dat daaronder een laag zat met boekweit en muizenkorrels.

 

De spekkast

Op de Graanzolder vind je tegen de schouw aan een houten spekkast. De kast is van binnen geteerd en in de schouw zitten verschillende gaten waar de rook uit kon komen. Hoe de spekkast fungeerde weten we nog niet, was het alleen de warmte die de spek en de worsten moest drogen of kwamen er uit de gaten daadwerkelijk rook en was het een rookkast. Misschien ontdekken we dit nog eens. Onze bouwhistoricus Jan Veerman is op zoek naar het antwoord.

 

De keuken

Het plafond van de keuken lag veel lager dan de plafonds in de andere delen van het woonhuis en we waren benieuwd hoe het er daarboven uit zou zien. Op zolder was een luik waardoor we wel konden zien dat er een grote balk dwars over de keuken loopt. Een balk die wit uitgeslagen leek, schimmel is dan de eerste gedachte maar gelukkig bleek dat deze balk ooit deels gestuckt was. Loos alarm dus. Het verlaagd plafond met daarboven een zachtboard plafond is weggehaald. Op het plafond lag een geweldige hoop rotzooi maar vooral balken en planken die door houtworm helemaal aangetast waren. Zo zwak en rot dat zelfs de balken spontaan naar beneden kwamen. Maar daarboven zagen we onze prachtige rieten kap. Dat boodt kansen om de keuken te voorzien van een prachtig plafond.

 

De Schouw

De kleinste van de drie Dorpskamers heeft een prachtige schouw en deze heeft ons zeer verbaasd. Je zou verwachten dat de zijkanten van de schouw van steen gemaakt zouden zijn. Het blijken maar MDF-wandjes te zijn. Hoe zit het waarschijnlijk. De schouw rust in een muur hangt middels twee trekstangen aan de balklaag van de zoldering. Daardoor was de schouw vrij aan alle kanten Dat lijkt redelijk vuurgevaarlijk maar onze voorvaderen wisten wel wat ze deden, want de schouw zat in een veel grotere kamer dan wat we nu zien. De keuken, het halletje bij de voordeur en de kamer De Schouw vormden destijds één geheel. Een hele grote woonkeuken waarbij het boerenleven zich rondom die schouw afspeelde. In de schouw werd gekookt en waarschijnlijk werd hier oorspronkelijk ook het brood gebakken. De halfronde boog aan de rechterkant van de schouw wijst hier op. In een latere fase is het bakhuisje gebouwd en is men buiten het brood gaan bakken. Een veel veiligere situatie voor een pand met een rieten kap.

 

De achterwand van de schouw was afgedekt met een plaat. Bij het aanleggen van de elektraleidingen is door de plaat heen gefreesd en bleek er een tegelwand onder te zitten. Na het schoonmaken bleken het prachtige tegels te zijn van 15 bij 15 cm. Deze tegels stellen ons voor een raadsel. Alle deskundigen zeggen dat het tegels zijn van tussen 1890 en 1900, maar ze kennen deze auberginekleurige tegels niet. Zelfs het Nederlands Tegel Museum in Otterlo kon ons niet verder helpen.

 

De Goeikamer

De Goeikamer maakten door het samenvoegen van een slaapkamer en de kamer met de bedsteden. In de laatste ruimte zie je een machtig groen geschilderd plafond met stoere balken. In de slaapkamer zag je alleen een zachtboard plafond. Verder zagen we op zolder een schoorsteen die door zou moeten lopen in de slaapkamer, maar daar zag je niets meer van. We hebben op 19 april 2014 het eerste deel van dat zachtboard plafond verwijderd en de schoorsteen kwam weer mooi te voorschijn. We hebben in de nieuwe Goeikamer die schoorsteen zichtbaar gemaakt door een andere tegel op de vloer. Een grote meevaller was dat boven de board weer een mooi groen balkenplafond zat. De kleur groen is net anders dan in de kamer met de bedsteden. Misschien is dat daar verkleurd in het licht of is de kleur van het verborgen balkenplafond de oorspronkelijke groene kleur. De balken zijn net even anders van in de kamer ernaast, minder stoer en robuust. Chiquer met een kraal en meer industrieel recht. Chiquer door de versieringen. De slaapkamer zit in het woonhuisdeel dat ongeveer 150 jaar geleden aangebouwd is aan het oorspronkelijke huis. Dat verklaart het verschil in balken in deze twee delen van de toekomstige Goeikamer. Als u straks naar het plafond staart, ziet u het snel.

 

Kleuren in de Goeikamer

Tijdens de open dag op zondag 13 april kwam Ad Vingerhoeds uit Bavel ook in de boerderij kijken. Ad heeft een bijzondere relatie met de boerderij want hij heeft in 1977 in opdracht van de gemeente Nieuw Ginneken de boerderij geschilderd. Dat gaf ons een unieke kans om een brandende kwestie aan ter snijden: wat is de oorspronkelijke kleur van de bedsteden. Wij wilden graag de boerderij zoveel als mogelijk in haar oorspronkelijke staat terugbrengen en de kleur van de bedsteden is de dominerende factor in de Goeikamer. Ad had een ontnuchterende mededeling voor ons. Hij had de bedsteden voorbehandeld en in de eerste laag verf gezet en de opzichter van de gemeente vond het zo wel mooi. De bedsteden zijn dus nooit afgelakt.

 

De bedsteden in de Goeikamer

In de Goeikamer zij je een mooie wand met aan de rechterzijde een bedstee. Aan de linkerkant lijkt het ook een bedstee maar deze kast werd door een tussenwand in tweeën gedeeld waarbij aan de linkerkant oorspronkelijk een trap zat naar de opkamer waar de meisjes sliepen. Tussen de twee kasten zit nog een kleine bergruimte. Aan de voorkant zie je nog een console voor een Mariabeeldje of een Christusbeeld. Maar deze console is duidelijk later aangebracht. De deur van de bovenkast kan bijna niet open doordat dit console in de weg zit.

 

De vloer van de linker bedstee bestond uit planken die zwaar door de houtworm aangetast waren. Na het weghalen kwam een dunne laag zand te voorschijn en daaronder nog puntgave oud-Hollandse vloertegels van 32 bij 32 cm. Aan de linkerkant zat echter een diep gat en onder het zand hiervan kwam een kist tevoorschijn. Onze hoop op gouden dukaten of Spaanse dubloenen kwam bedrogen uit. Iemand is ons voor geweest want de kist was helemaal leeg.

 

Spijltjes boven de poorten

In het stalgedeelte zitten drie grote poorten. Twee hiervan hebben boven de deuren spijltjes waar vroeger glas in gezeten heeft. Stichting Boerderij De Pekhoeve is heel lang bezig geweest met de aanvraag voor een bouwvergunning en de Bredase commissie Ruimtelijke Kwaliteit (voorheen Commissie Welstand, Architectuur en Monumenten) had al in september 2013 ingestemd met onze restauratieplannen. Maar in februari 2014 keurde deze commissie plotseling onze plannen af terwijl er niets veranderd was. Men vond dat de spijltjes boven de poorten zichtbaar moesten blijven terwijl wij poorten bedacht hadden die de spijltjes afschermden. Goed om het glas te beschermen tegen vandalisme en vooral goed voor de temperatuur isolatie. We willen immers een energiezuinig pand maken. We hebben uiteindelijk maar toegegeven want de vergunningprocedure was toch al fors vertraagd. Wie schetst onze verbazing toen we met een aantal aannemers ons pand bekeken. Eén vertelde trots dat hij in 1973 die beroemde spijltjes gemaakt had. Origineel?

 

Ons balkwerk

De lange balk in het stalgedeelte (nu kinderdagverblijf) van wel 17 meter is onze grote trots. Denk eens in hoe hoog deze eikenboom ooit geweest moet zijn. Helaas is het laatste stukje van deze draagbalk in de zeventigen jaren afgezaagd om er een trap te kunnen plaatsen. Let eens op het telwerk (de merktekens) in de balk en staanders. Staander I past natuurlijk bij merkteken I op de balk, zo ook bij II maar bij merkteken III zie je op de staander geen merkteken. Dit laat zien dat deze staander later vervangen is. Overigens vind je deze merktekens ook op de spanten van beide zolders.

 

De Karnton

Waar nu de kinderen van het kinderdagverblijf spelen stonden vroeger koeien. De Pekhoeve was een betrekkelijk grote boerderij met wel 10-15 koeien. Van de melk werd boter gekarnd en dit gebeurde in de karnton. Die karnton stond ook in de stal en waar nu de nieuwe steunbalk ligt draaide destijds de karnton. De as van de karnton draaide in een houten lager en een deel daarvan kun je in de stal terugvinden. De ruimte was te klein dat een paard de karnton zou ronddraaien (een rosmolen) waarschijnlijk heeft hier vroeger een trekrond zijn rondjes mogen lopen. Een rosmolen lag trouwens meestal buiten op het erf.

 

Het Steunprogramma

Een belangrijke factor in de succesvolle restauratie was via ons steun programma in uw handen. Klik op de brochure en lees hoe dat ook al weer zat.

De restauratie

Inmiddels is de restauratie afgerond en wordt de stal en Hooizolder verhuurt aan Boeffies & (B)engeltjes. De Dorpskamers zijn per dagdeel te huur voor vergaderingen, cursussen, lezingen, etc.

 

Januari 2015

De laatste puntje gaan op de i. Op 16 januari is de Boerderij feestelijk geopend door gedeputeerde B. van Haaften en Wethouder P. van Lunteren. Het hele dorp kon een kijkje komen nemen. Vanaf 1 januari zijn de Dorpskamers te huur.

 

Winter 2014

Er zijn 2 stenen-dagen gehouden (22 november, 13 december). Op deze sneak-preview konden de kopers van een Pekhoeve steen, participanten en vrijwilligers een kijkje komen nemen in de Boerderij. De meest gehoorde opmerking op die dagen : 'wow wat is dit mooi geworden. Een aanwinst voor het dorp'.

 

Ondertussen heeft het grove verbouwwerk plaatsgemaakt voor het fijnere werk. Veel zaken in het woonhuis worden nu aangepast en hersteld. De binnenschilder geeft kleur aan de zaak.

 

Langzaam wordt de zaak ingericht en wordt er toegewerkt naar de officiele opening op vrijdag 16 januari. Bent u erbij?

 

Najaar 2014

Nu de stal zo goed als klaar is volgt de aanpak van de tuin en wordt een beginnen de Dorpskamers meer en meer vorm te krijgen. Het houtwerk aan de buitenkant krijgt een grondige schilderbeurt waarna de Boerderij er schitterend bij staat. Er wordt ook flink gewerkt aan de bestratingen en het drainagesysteem rond de boerderij.

 

Zomer 2014

Half april zijn de vergunningen onherroepelijk. De financiering is rond. Het huurcontract en de erfpachtovereenkomst zijn getekend. De aannemer en de installateur krijgen opdracht tot uitvoering. Iedereen staat klaar om aan de slag te gaan.

 

Na het egaliseren van de tuin volgt nu wederom een zeer zichtbare activiteit : het vernieuwen van het dak!

 

Ook binnen in de Boerderij wordt hard doorgewerkt, daarbij wordt de focus gelegd op het stal- en hooigedeelte omdat Boefies & (B)engeltjes op 25 augustus open moet. Deze datum wordt met de nodige inspanningen gehaald!

 

Hierna wordt het woonhuis onderhanden genomen.

 

Voorjaar 2014

De voorbereidingen voor de restauratie van de Boerderij De Pekhoeve zijn in volle gang. Op basis van een bouwhistorisch onderzoek is een schetsontwerp gemaakt en de gemeente Breda heeft hier mee ingestemd. Inmiddels is er een conceptbestek voor de verbouwing en wordt er gewerkt aan de voorbereiding van de aanbesteding.

 

Ons plan houdt enerzijds sterk rekening met het historische karakter van de boerderij maar anderzijds willen we ook zodanige aanpassingen dat het pand de komende jaren weer goed bruikbaar is.

 

De hoofdhuurder is inmiddels bekend en dat is Boeffies en (B)engeltjes een kinderdagverblijf en voor- en naschoolse opvang (zie ook www.boeffiesenbengeltjes.nl). Hiervoor is de stal en de keuken + kelder van het woonhuis bestemd.

 

In het woonhuis komen 3 prachtige ruimtes, de z.g. Dorpskamers van 41, 33 en 18,3 m2 die tegen kostprijs ter beschikbaar zijn voor Ulvenhout.

 

Winter 2013

Op 1 november 2013 is de volledige omgevingsvergunning (WABO) aangevraagd. Omdat het een rijksmonument betreft is de doorlooptijd vrij lang. Deze wachtperiode benutten we om de financiering rond te krijgen en de verbouwing verder voor te bereiden.

 

Het verkrijgen van subsidies is daarbij essentieel. De Provincie Noord Brabant heeft zich inmiddels bereid getoond te participeren in het project via het programma Mijn Mooi Brabant/Erfgoed & Erfgenamen.

 

Het organiseren van de verbouwing waarbij we Ulvenhout graag willen laten meewerken zal de nodige energie vragen. Om de 3 dorpskamers tegen lage kosten beschikbaar te kunnen stellen aan de Ulvenhoutse gemeenschap is het essentieel dat de bewoners van Ulvenhout een deel van de verbouwing en inrichting door zelfwerkzaamheid en sponsoring mee helpen realiseren.

 

Als eerste daadwerkelijk stap is met een groep vrijwilligers in de winter van 2013 de tuin aangepakt. Door het verwijderen van de doorgeschoten bosschages is de boerderij weer zichtbaar geworden. Ook zijn in het stalgedeelte enkele wanden verwijderd waardoor de indrukwekende ruimtelijkheid van de stal weer tot haar recht komt .

De eigenaren

De eigenaren van de Pekhoeve waren nu eens gegoede burgers, dan weer gewone landbouwers uit de streek. Vóór 1590 moet Bertel den Hoen eigenaar geweest zijn; in 1591 Jan Pauwels, houtverkoper aan de Tolbrug. In de 17e eeuw was de boerderij in handen van Jan Michielss. van der Avoirt; Cathelyn, de weduwe van Bartholomeus Janss. Van der Avoirt; Jenneken Claess. van der Avoirt, gehuwd met Cornelis Bartholomeus Gerrit Brocx. In 1710 blijkt de eigenares te zijn: Catharina Bosch, weduwe van Jan Wouter Meiren, burger en grutter te Breda. Zij heeft haar bezit overgedragen aan Maria Jan Matheeussen van Rooij, weduwe van Mathijs Janssen van Hooydonck. In het jaar 1714 is een bekende Bredase figuur eigenaar van de Pekhoeve: de vermogende koopman Jan de Wijse (1636-1725). Deze had in 1686 het Capucijnenklooster te Meerseldreef gesticht. Sedert 1679 was hij al eigenaar van het slotje Grimhuysen. Bij de deling van zijn nalatenschap werd de pekhoeve in 1728 toegewezen aan twee kinderen van zijn broer, Cornelis de Wijse (1681-1744). Toen deze beiden overleden waren, kwam de hoeve aan hun zuster; Elisa Theresia de Wijse, echtgenote van de vermogende Bredase advocaat Mr. Johan Cheeuws. Zij lieten de boerderij aan hun dochter Anna Petronella Cheeuws na, die gehuwd was met de ‘factoir’ (makelaar) Johan Caspar Calckberger. Zij overleed in 1793 waarna de hoeve in 1804 werd verkocht aan Abraham Adriaan Meeren. Bij de hoeve hoorde ook het Gebuurstraatje aan de noordzijde. Na Meerens dood verviel het complex aan zijn dochter Petronella Meeren (1801-1873) die gehuwd was met Franciscus van Dijk (1797-1873). Tot 1969 is de hoeve in deze familie gebleven. De laatste boer (pachter) was Cor Verkooijen. De gemeenteraad van Nieuw Ginneken heeft in de vergadering 19 december 1968 besloten de boerderij aan te kopen voor een bedrag van f 252.000,-. Met gemeentelijke herindeling, die zijn beslag kreeg op 1 jan 1997, ging het eigendom over naar de gemeente Breda.

Bouwkundige aspecten

De voorloper van de Pekhoeve, boerderij ‘De Croen’ die al bestond in 1593, behoorde tot het langgeveltype, een boerderij waarvan de woon- en stalgedeelten naast elkaar en in elkaars verlengde gebouwd werden. Vermoedelijk tussen 1850 en 1860 is het stalgedeelte uitgebouwd haaks op de lange gevel. De aansluiting van de kappen op de zolderverdieping laat heel duidelijk de sporen zien van de gewijzigde toestand, met name het laatste kapspant van het woongedeelte. Waarschijnlijk was dit niet het laatste spant, maar een tussenspant. De boerderij, is opgetrokken in gele ijsselsteen en gemetseld in kruisverband. De indeling is nog redelijk oorspronkelijk en bestaat uit een woongedeelte, waarin zich de ‘goeikamer’ bevindt met twee bedsteden naast elkaar en een kast ertussen. De ‘goeikamer’ had oorspronkelijk een open haard. Op de vloer van dit vertrek liggen nu rode plavuizen. Aan de andere kant van de voordeur is een woonvertrek waar een grote open schouw aanwezig is. De keuken bevindt zich naast de kamer met de schouw. Van hieruit zijn kelder en opkamer bereikbaar.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Plattegrond van de woning met de stallen vóór de verbouwing van 1976

klik op foto voor vergroting

 

Het woonhuis is in een later stadium naar het westen uitgebreid, waardoor de oorspronkelijke buitenmuur middenin de woning is komen te liggen. Dankzij deze uitbreiding vinden we een tweede kelder en een opkamer in het pand en een schoorsteenkanaal tegen de nieuwe buitenmuur. De aanbouw heeft ook een eigen ingang en toilet. Vermoedelijk heeft deze aanbouw als een soort ‘aanleunwoning’ dienst gedaan. Boven het woongedeelte is de graanzolder, waarop zich tegen het grote schoorsteenkanaal nog een spekkast bevindt.

 

In het stal/schuurgedeelte stonden de koeien in één rij aan de zijde van de mestdeurtjes in de oostgevel. Aan de oostkant stond, tot in de jaren zeventig, tegen de koeienstal nog een varkens hok. Naast het woonhuis stond vroeger aan de westkant een stal of kippenhok.

In het stalgedeelte tegen het woonhuis heeft in het midden een karnton gestaan. De sporen daarvan zijn in de balklaag erboven te zien. Er is nog een gedeelte zichtbaar van de met houten delen gemaakte ‘naaf’ waarin de as draaide.

 

Historie

De Pekhoeve is bijna altijd een pachthoeve geweest, die aanvankelijk de naam ‘De Croen’ droeg. Deze naam komt reeds voor in 1590, het jaar waarin Breda met het Turfschip werd veroverd. Pas in het jaar 1728 duikt de naam ‘Peckhoeff’ op. In een pachtcontract van 1749 is sprake van een ‘hoeff genaemt Ulterenbosch-Hoeff, in de wandeling genaemt de Pekhoeff’.

Het dorp Ulvenhout was vóór 1740 slechts een klein gehucht bestaande uit enkele boerderijen, een paar eenvoudige woningen, het slotje Grimhuysen en een herberg annex brouwerij ‘De Roskam’. Nadat in 1738 bij het slotje Grimhuysen de schuurkerk van het Ginneken was gebouwd, heeft Ulvenhout zich tot een kerkdorp ontwikkeld. De oudste bron waarin de hoeve wordt vermeld is een in ‘manuaal’ in het archief van het klooster Catharinadal te Oosterhout. In het boekje staan de inkomsten in natura genoteerd, die het klooster uit de landerijen rond Breda ontving. Het boekje duidt dit hoevencomplex in 1705 aan als panden achter Grimhuysen. In 1710 behoorden de volgende landerijen tot de hoeve: den Huysacker of Peer Jannendries, den Boonacker, den Geersacker en de Moervelden aan den Steertstraat.

Van de pachters weten we voor het eerst iets vanaf het jaar 1724, toen de weduwnaar Boudewijn Robs hier ging boeren. In 1749 werd de pacht overgenomen door Iacobus van Miert, die daarvoor op de Grote Hoeve van landgoed Lugtenburg had gewoond. Op het eind van de 18e eeuw is de boerderij waarschijnlijk van vorm en constructie veranderd.

Lange onderslagbalk [foto Dröge bureau voor bouwhistorie]

 

In de stal ligt een onderslagbalk van meer dan 17 meter aan één stuk. Dat moet een geweldige boom geweest zijn waaruit deze onderslagbalk gehakt is. Op de onderslagbalk rust de balklaag van de hooizolder.

‘Bovenlager’ voor de naaf van de karnton [foto Johan Mulders]

De restauratie van 1976

De Pekhoeve werd bij raadsbesluit van 19 december 1968 door de gemeente Nieuw Ginneken aangekocht van de familie van Dijk voor een bedrag van

f 252.000,-. Wegens het monumentale karakter van de boerderij werd besloten de boerderij niet te slopen. Maar inclusief de beide schuren te handhaven en te restaureren. De kosten werden aanvankelijk geraamd op f 422.500,-, maar omdat de gemeenteraad dat veel te hoog vond werd een eenvoudiger plan gemaakt, waarbij alleen de meest noodzakelijke reparaties aan het woonhuis en de stal werden uitgevoerd.

In 1975 is een plan gemaakt om de grote schuur in te richten voor gemeenschapsdoeleinden. In 1976 was de restauratie/ verbouwing klaar, maar in 1980 werd de schuur door brand volledig in de as gelegd. Korte tijd daarna is een geheel nieuw cultureel centrum opgericht op de plaats van de oude schuur.

 

De brandende grote schuur in 1980 [foto Hans Chabot] Grote schuur anno nu als cultureel centrum [foto site Pekhoeve]

 

 

 

Bronvermelding:

Historisch overzicht ten behoeve van de Open Monumentendag 2012. Ulvenhout 9 september 2012. Johan Mulders

De Pekhoeve ingewijd. 22 mei 1976 Dr. F.A.Brekelmans, J.P.A. van der Aa, J.M.E.M. Jespers

Dorpstraat 92 Ulvenhout Bouwhistorische Notitie: Dröge bureau voor bouwhistorie